Nietzsches nalatenschap op de UNESCO Werelderfgoedlijst ‘Memory of the World’

Nietzsches nalatenschap op de UNESCO Werelderfgoedlijst ‘Memory of the World’

Wie had kunnen bedenken dat de denker Friedrich Nietzsche die op 25 augustus 1900 voorgoed zijn ogen sloot, 125 jaar nadien een internationale eer zou worden toebedeeld in de vorm van een vermelding in het in 1995 begonnen register ‘Memory of the World’ van de UNESCO? Maandag 25 augustus werd er stilgestaan bij de inschrijving van Nietzsches literaire nalatenschap in de Werelderfgoedlijst. Meerdere sprekers vulden twee uur lang met lovende woorden het Studiecentrum van de Anna Amalia Bibliotheek in Weimar.

Dr. Ulrike Lorenz, Präsidentin van de Klassik Stiftung Weimar trapte vol enthousiasme af en werd aangevuld door prof. dr. Steffen Teichert, die het Thüringer Ministerium für Bildung, Wissenschaft und Kultur vertegenwoordigde. Katharina Ribbe, in de brochure aangeduid als Referentin im Auswärtigen Amt en prof. dr. Maria BöhmerPräsidentin der deutschen UNESCO-Kommission vergrootten het enthousiasme voor de inschrijving van Nietzsches nalatenschap, evenals prof. dr. Hubert Thüring van de Universität Basel die verder inzoomde op de frequente verblijfperiodes van Nietzsche in Zwitserland. Het enthousiasme kreeg een geweldige afsluiting in de woorden van prof. dr. Helmut Heith van de Klassik Stiftung Weimar die vanwege zijn kennis omtrent werk van Nietzsche later op de dag een cadeau in de vorm van een scheepsmaquette (“M.S. Nietzsche” ) bij de Villa Silberblick mocht ontvangen.

De uitreiking van de inschrijving in het studiecentrum van de Anna Amalia Bibliotheek (foto S.P.)

Zelf vond ik in de rede van prof. dr. Konrad Elmshäuser, voorzitter van de Deutsche Nominieringskomitee “Memory of the world” de essentie van de inschrijving in het Werelderfgoed zeer goed verwoord. Volgens UNESCO is de filosoof, dichter en componist Friedrich Nietzsche naast een van de meest invloedrijke schrijvers ook een ‘eenmalig en interdisciplinair fenomeen in de 20e en 21e eeuw.’ Hoewel Nietzsche beweerde unzeitgemäß te werken en te zijn, is zijn werk volgens UNESCO tekenend voor zijn tijd en de culturele omwentelingen die daarmee gepaard gingen. De tekst luidt verder: ‘Nietzsches nalatenschap biedt ongewoon diepgaande inzichten in het menselijk bestaan ​​hetgeen hij beschreef in het Midden-Europa van de late 19e eeuw. Bovenal is zijn werk een subtiele reflectie op de volgende fase van de moderne cultuur die zich aan het vormen was en is. Terwijl Nietzsche reflecteerde op de opkomst van de industriële cultuur, de natuurwetenschappen, de wetenschappelijke technologie en het historisch bewustzijn, observeerde hij ook het verlies van zekerheden, de teloorgang van gedeelde religieuze oriëntaties en de onzekerheden van de toekomst.’

De kern van deze nalatenschap wordt gevormd door zijn manuscripten, aantekeningen en brieven, die nu bewaard worden in het Goethe- en Schillerarchief van de Klassik Stiftung Weimar. Deze unieke collectie omvat de manuscripten en voorbereidende werken voor bijna al Nietzsches gepubliceerde essays en boeken, evenals ongepubliceerde essays, biografische documenten, ontwerpen, schetsen, fragmenten en incidentele aantekeningen in notitieboekjes en mappen met losse vellen. Het Goethe- en Schillerarchief bewaart ook een groot deel van de brieven van en aan Friedrich Nietzsche.

Nietzsches nalatenschap omvat ook zijn persoonlijke bibliotheek. Deze is ondergebracht in de Hertogin Anna Amalia Bibliotheek (HAAB) van de Klassik Stiftung Weimar. De HAAB-collecties omvatten momenteel ongeveer 1400 banden, waaronder uitgebreid geannoteerde boeken en persoonlijke exemplaren van zijn eigen werken en gedrukte muziek.

Nietzsche buste in de Universiteitsbibliotheek van Bazel (beeldhouwer Alexander Zschokke)

De collecties van zijn manuscripten en brieven in Bazel behoren eveneens tot Nietzsches literaire nalatenschap. Het materiaal verzameld door Franz Overbeck, Jacob Burckhardt en anderen is ondergebracht in de Universiteitsbibliotheek van Bazel en het Staatsarchief van Basel-Stadt. In de jaren waarin Nietzsche in Bazel woonde en werkte schreef hij zijn Die Geburt der Tragödie aus dem Geiste der Musik (1872), de Unzeitgemäße Betrachtungen (1873-1876) en Menschliches, Allzumenschliches (1878). De collecties in Bazel vormen de specifieke ‘Basler Tradition’ dat zich zoals men daar stelt ‘nuchter’ bezighoudt met Nietzsches intellectuele en biografische nalatenschap (in tegenstelling tot de vroegere Weimarer Tradition’ waar de heldenstatus van Nietzsche ooit eens ontstond). Samen met de Rosenthal-Levy Collectie, nu ondergebracht in de Stichting Nietzsche Haus in Sils Maria, vertegenwoordigen deze collecties ongeveer 10% van Friedrich Nietzsches totale nalatenschap.

Terug naar Weimar op maandag 25 augustus. De heer prof. dr. Elmshäuser die ik hierboven al noemde, was zo vriendelijk om voor de lezers van deze website zijn rede van 25 augustus jl. met mij te delen die ik naar eer en geweten in het Nederlands heb vertaald en met veel plezier en onder dankzegging aan de heer Elmshäuser hierbij deel:

Geachte eregasten uit de politiek en cultuur, geachte collega’s, geachte gasten en deelnemers uit Zwitserland, dames en heren!

Ik ben verheugd u vandaag te mogen toespreken als voorzitter van de Duitse nominatiecommissie voor het MoW-programma. Wij van de Duitse nominatiecommissie steunen al jaren van harte en met veel enthousiasme de Duits-Zwitserse nominatie voor de opname van Friedrich Nietzsches literaire nalatenschap in het MoW-register.

Weimar en de Klassik-Stiftung zijn goed met elkaar verbonden en vertrouwd terrein voor het MoW-programma voor het Werelderfgoed. Toen de Duitse nominatiecommissie in 2001 vier Duitse nominaties voordroeg voor haar eerste volledige UNESCO-inzendingenronde, waren dit de Gutenbergbijbel, Beethovens Negende Symfonie, de film Metropolis van Fritz Lang en de literaire nalatenschap van Johann Wolfgang von Goethe, beheerd door de Klassik Stiftung Weimar. Alle vier de nominaties waren en blijven belangrijke mijlpalen in ons media- en cultureel erfgoed – of het nu gaat om de geschiedenis van het schrijven, muziek, film of literatuur. Goethes nalatenschap, met zijn manuscripten, dagboeken en brieven, waaronder ongeveer 20.000 items uit toezendingen in 500 archiefdozen, is een uitstekend voorbeeld van een nalatenschap die door de maker zelf is opgebouwd en die door de creatie ervan inzicht biedt in zijn gedachten, daden en invloed. In 2015 werden drie documenten met betrekking tot Maarten Luthers vroege Reformatiewerk toegevoegd aan het MoW-register. Dat uw ingerichte archieven nu voor de derde keer het MoW register verrijken, bewijst de uitzonderlijk hoge status van de Weimar-collecties, die wij alleen maar kunnen feliciteren met deze meervoudige titel.

De erfenis van Nietzsche is echter allesbehalve een herhaling van wat al bekend is. Veel van wat van toepassing is op de kenmerken van Goethes erfenis is in Nietzsches geval heel anders, ook al komen we daar ook manuscripten, correspondentie, aantekeningen, boeken en andere zaken tegen. Ik kom daar later op terug.

Goethes erfenis in 2001 en Nietzsches erfenis in 2025 – dit markeert ook een kwart eeuw geschiedenis van het Duitse MoW-programma. Misschien een goede gelegenheid om te vragen waar de twee titanen uit Weimar, Goethe en Nietzsche, vandaag de dag in de kring van de UNESCO-programma’s passen? Staat u mij daarom toe een paar woorden te zeggen over de UNESCO-werelderfgoed programma’s en hun doelen.

Weimar is ook twee keer aangewezen als UNESCO-werelderfgoed, met zijn Bauhaus-gebouwen en de locaties van het klassieke Weimar. U bent dus allemaal bekend met het Cultureel Erfgoedprogramma, dat zich al ongeveer 50 jaar zeer succesvol ontwikkeld heeft. Het is inmiddels, zou je kunnen zeggen, het succesvolle vlaggenschip van UNESCO’s wereldwijde activiteiten geworden en overschaduwt soms zelfs UNESCO’s kerntaken op het gebied van onderwijs, wetenschap en cultuur. Dit kan men terecht ook kritisch bekijken, immers Werelderfgoedprogramma’s mogen geen doel op zich worden; ze moeten dienen als bakens om de diverse internationale en steeds complexere uitdagingen op het gebied van onderwijs, cultuur en wetenschap te benadrukken.

Het Cultureel Erfgoedprogramma stond in het begin ook voor een uitdaging. In 1960 dreigde de overstroming van het Nassermeer in Egypte onder meer het tempelcomplex van Aboe Simbel te overstromen. Het werd daarom verplaatst en behouden. Dit was alleen mogelijk dankzij internationale samenwerking en vormde de aanzet voor de totstandkoming van de Werelderfgoedconventie, die sinds 1978 een lijst bijhoudt van het cultureel erfgoed van de wereld dat absoluut behoud en bescherming behoeft. Het cultureel erfgoed werd al snel uitgebreid met een lijst van natuurlijk erfgoed. En 30 jaar geleden werd aan het cultureel en natuurlijk erfgoed een derde Werelderfgoedprogramma toegevoegd: “Memory of the World”, het programma voor het mediale en documentaire erfgoed van de wereld. Net als in 1960 moest ook daar een ramp de aanzet tot actie geven: In 1992 verwoestte de brand in de Nationale Bibliotheek in Sarajevo tijdens de Joegoslavische Burgeroorlog drie miljoen boeken en talloze documenten uit een voorheen multi-etnische stad. Dit was een schok voor Europa, waar voor het eerst sinds de Tweede Wereldoorlog oorlog was opgelaaid.

Sindsdien hebben cultureel, natuurlijk en documentair erfgoed wereldwijd de aandacht gevestigd op bijzondere uitingen van de menselijke schepping en de natuur. Om gelijke bescherming te garanderen voor immateriële culturele tradities, zoals mondelinge en rituele gebruiken, zijn vormen van immaterieel erfgoed sinds 2003 opgenomen in een apart UNESCO Werelderfgoedprogramma. Elk van deze programma’s heeft dus een specifieke agenda. Beginnend met de belangrijkste stukken van ons erfgoed, die een “uitzonderlijke universele waarde” hebben, zij zijn als vuurtorens bedoeld om de weg te wijzen naar de talrijke, eenvoudigere manifestaties van ons erfgoed, die eveneens onze zorg behoeven.

In die zin vestigt het MOW-programma de aandacht op de universele waarde en kwetsbaarheid van ons documentaire erfgoed met geschreven, visuele en audio documenten die van over de hele wereld zijn geselecteerd. Het register is een unieke, wereldwijde herdenkingsplaats voor staten, volkeren en culturen, met mijlpalen in de culturele, artistieke en juridische, maar ook de technische en politieke ontwikkeling van de mensheid. Keerpunten in de wereldgeschiedenis en hoogtepunten in de cultuurgeschiedenis, die de banden tussen volkeren stichten.

MoW definieert het begrip document bewust breed en reikt verder dan de beperkte reikwijdte van klassieke manuscripten en gedrukte werken. Zo behoren ook opslagmedia met beeld-, geluids- en filmdocumenten tot het wereldwijde documentaire erfgoed. En natuurlijk ook digitaal cultureel erfgoed, dat relatief jong is, maar nog meer bedreigd wordt door verval en verlies dan onze spreekwoordelijk dikke perkamenten codices en gedrukte boeken.

Thematische en mediale diversiteit is vanaf het begin belangrijk geweest voor de Duitse nominatiecommissie. Dit jaar werden, samen met Nietzsche, de glasplaten met de eerste röntgenfoto’s toegevoegd aan het MoW-register. Ook de chronologische reikwijdte is breed: met de Hemelschijf van Nebra is een Duits MOW-object een van de oudste bewaard gebleven documenten van de menselijke geest die we als drager van informatie kunnen betitelen.

Op dit moment getuigen 496 individuele documenten, evenals complete collecties en archieven, van de toegewijde inzet van talloze lidstaten. En deze zijn niet bedoeld om mediamonumenten vanuit nationale trots te registreren, maar eerder werken waarmee volkeren en naties bijdragen van “uitzonderlijke universele waarde” hebben geleverd, buiten de grenzen van hun eigen culturele domeinen. Daarom vragen we ons voortdurend af wat we de wereld hebben gegeven, dat wil zeggen waaruit onze specifieke intellectuele, culturele en mediale bijdrage aan de wereldgemeenschap kan bestaan. Een ogenschijnlijk eenvoudig uitgangspunt dat echter complexer is dan men zou denken. Vooral wanneer het niet gaat om individuele documenten, maar om manuscriptfamilies, of belangrijke onderwerpen waarvoor kerndocumenten wereldwijd verspreid kunnen zijn. In tegenstelling tot cultureel of natuurlijk erfgoed zijn monumenten van de geest aan verandering onderhevig. Ze kunnen op vele manieren een vruchtbare impact hebben, maar kunnen ook puzzels opleveren in geval van confiscatie, verplaatsing of onopgeloste herkomstkwesties.

Hoeveel eenvoudiger lijkt de nominatie van een enkele nalatenschap zoals die van Friedrich Nietzsche! Maar het feit dat we nu, met gasten uit Zwitserland, aan het succesvolle einde van een grensoverschrijdende aanvraag staan, laat zien dat ook dit complex kan zijn. Want niemand anders dan de hier aanwezige wetenschappers van de deelnemende instellingen weet beter dat Nietzsches literaire nalatenschap slechts ogenschijnlijk een groot kunstwerk uit één vorm is. Dat het integendeel een heel bijzonder samengesteld mengsel is, dat niet alleen op verschillende locaties in twee landen is ondergebracht, maar ook zeer verschillende aspecten van de vorming van nalatenschap geschriften, van de omgang met een literair erfgoed, en zelfs bewuste strategieën van herinneren en bewaren bevat.

Dus waar staat Nietzsche tussen de MOW-meesterwerken?

Voor mij is hij een eenzame ster in de ware zin van het woord – en dit hangt samen met zijn invloed in de geschiedenis. Nietzsches reflecties, zijn -zoals al vermeld in de nominatie voordracht voor de registratie van zijn nalatenschap – “maximen van radicale zelfrealisatie”, maakten hem postuum tot een steunpilaar van “de vroege Europese moderniteit in al haar variaties”. Toch maakte het hem ongetwijfeld ook eenzaam tijdens zijn leven. En hier vullen Nietzsches biografie, zijn werk en vooral zijn nalatenschap voor mij op een bijzondere manier een lacune in de canon van Duitse nominaties. Want ook al is hij formeel vergelijkbaar met die van Goethe of zelfs Gottfried Wilhelm Leibniz (genomineerd in 2007), Nietzsche komt ons altijd voor als een eenzame en tragische figuur. Hoewel hij een tijdlang hoogleraar filosofie was, was hij noch een erkend raadsman van het hof, noch een gevierd universeel geleerde. Tijdens zijn leven niet bijzonder beroemd en ook niet geliefd.

Door hun zeer succesvolle levens waren Leibniz en Goethe zelfverzekerde vormgevers van hun tijd. Hoe anders was dit met Nietzsche, wiens filosofie lijkt op een lijden aan de wereld en haar toestand, wiens ontkenning van waarden, relaties en schijnbare zekerheden ons nog steeds onrustig kan maken. Kennis en zelfkennis als een eenzame discipline. Wie spreekt over Nietzsches nalatenschap en de impact van zijn filosofie, moet het in het bijzonder ook hebben over de kracht van het geschreven woord, over de enorme impact die een werk kan hebben. Nietzsches persoon en werk zijn, zoals het korte exposé al stelde, “even controversieel als krachtig”. De manier waarop deze impact zich ontvouwde is ongebruikelijk, zelfs paradoxaal. Want terwijl Nietzsche tijdens zijn leven slechts door een kleine kring van volgelingen, of liever gezegd door vrienden, werd ontvangen, is zijn postume impact tot op de dag van vandaag “door geen enkele andere Duitse filosoof overtroffen”. Zijn “inzicht in de constitutie van de waarheid”, zo staat in de motivering van de nominatie, heeft het transcendentalisme van Kant en Hegels systemische filosofie vervangen en zelfs de marxistische theorie en geschiedfilosofie “achter zich gelaten”. En deze volstrekt ongewone carrière in de receptie zou ondenkbaar zijn geweest zonder zijn literaire nalatenschap, die, in relatie tot Nietzsches werk, een totaal andere betekenis heeft dan die van andere intellectuele grootheden. Bovendien werd deze, in tegenstelling tot Goethe en Leibniz, nauwelijks wezenlijk vormgegeven, laat staan ​​gevormd, door Nietzsche zelf. Nietzsches tragische laatste levensfase verklaart waarom dit voor hem niet mogelijk was geweest, en waarom we ons vandaag de dag gelukkig mogen prijzen dat verschillende mensen aan meerdere draden van deze memorievorming hebben ‘getrokken’ – en daarmee hebben bijgedragen de nalatenschap vorm te gegeven. Op zeer verschillende manieren, met zeer verschillende intenties, en zeker niet altijd geheel altruïstisch. Dit maakt Nietzsches nalatenschap tot een zeer bijzonder geval, omdat het nooit een gesloten fonds was, en zelfs na tientallen jaren van werk eraan, is het er nooit een geworden. Het documenteert veeleer verschillende fasen en stadia in het leven van de filosoof, waaruit het werd samengesteld, zorgvuldig bewaard, maar ook later verzameld, zelfs systematisch aangekocht en vervolgens geordend. Wat aanvankelijk een zware last lijkt in termen van overlevering, moeten we echter eerder opvatten als een groot voordeel. Het voortdurende onderzoek en de publicatie van de nalatenschap, de archivering ervan op verschillende locaties van Weimar tot Bazel en het Oberengadin, hebben ons het voordeel geschonken van een grensoverschrijdende registratie, die veel meer overeenkomt met de leidende principes van het MoW-programma dan een puur nationale nominatie. En daarmee lijkt het ook passender wanneer je de persoon Friedrich Nietzsche en zijn leven in betracht neemt. Niet alleen vanwege de eminente belangrijke rol van de Zwitserse plaatsen in zijn leven, waarover straks nog meer zullen horen, maar ook vanwege het schijnbaar merkwaardige feit dat Friedrich Nietzsche sinds zijn verhuizing naar Bazel in 1869 stateloos was – waardoor hij nauwelijks nog strikt een Duits nationaal monument genoemd kan worden. Daar komt bij dat Nietzsche zichzelf, zoals een van de wetenschappelijke rapporten over de nominatie duidelijk stelt, altijd beschouwde als een “kosmopolitische”, geen nationalistische, auteur. Dit, samen met zijn nomadische inzichten, of het nu aan het Silsermeer of in Splügen was, onderstreept zijn karakter als een rusteloze, zwervende filosoof die gedachten en ideeën uit zijn omzwervingen mee terugbracht, die vervolgens zijn aantekeningen en notitieboekjes vulden. Dat brengt ons terug bij zijn literaire nalatenschap, die precies dit moeilijke proces van epistemologische ontwikkeling documenteert en ons nog steeds in staat stelt deel te nemen aan de vorming en geboorte van zijn werken.

Ik citeer graag uit het nominatievoorstel:

“Zijn (Nietzsches) filosofische werken zijn fijngevoelige composities, en de nalatenschap helpt hun ontstaan ​​te reconstrueren en hun karakter te verhelderen. (…) Het biedt een intiem inzicht in de werkplaats van deze denker.”

Maar de rol, sterker nog, het onafhankelijke bestaan ​​van Nietzsches literaire nalatenschap, of moeten we liever zeggen dat van de aan hem toegewezen subfondsen, gaat nog verder. Nietzsches zus, Elisabeth Förster-Nietzsche, heeft in ieder geval enorm bijgedragen aan de bescherming en het behoud van zijn werk door postuum correspondentie terug te sturen en zelfs te kopen, maar haar rol toont ons ook de grenzen van de goede verzorging, de bemoeizucht, zelfs tot aan vervalsing tijdens de zorg voor de nalatenschap. Zo werd, zoals bekend, het boek “De wil tot macht”, aangeprezen als Nietzsches centrale werk, vervalst en samengesteld uit delen van zijn nalatenschap en gepubliceerd. Een vervalsing, gemaakt uit brokstukken van de nalatenschap. 

We kijken hier niet naar de onschuldige studie van een eenzame filosoof, maar ook naar de diepten van de effecten in de geschiedenis, van werken die later een enorme culturele en politieke invloed hadden. Een waarschuwing voor ons allen. Doet dit afbreuk aan de waarde en originaliteit van de nalatenschap? Nee, helemaal niet, integendeel. Want kritisch bronnenonderzoek van werken met een bijzondere impact, is zeker vandaag de dag  onmisbaar waarbij Nietzsche als een duidelijk voorbeeld mag gelden.

Vooral in tijden waarin vervalsingen, fake of namaak in het moderne Duits, alarmerende vormen aannemen en als instrument van intellectuele, culturele en politieke debatten dreigen te worden, moet de methodologie van kritische redactionele studies als een dam standhouden en in noodgevallen ook standhouden. Ze biedt een gereedschapskist om onderscheid te maken tussen verum et falsum, tussen goed en fout. En we moeten ons niet laten aanleunen dat dit nauwelijks mogelijk zou zijn of willekeurig is, misschien zelfs niet nodig is.

Het vermeende citaat van Nietzsche “Er zijn geen feiten, alleen interpretaties” – een uit zijn context gerukte aantekening uit de Nagelaten Fragmenten (*) laat zien dat de strijd om post-waarheden (**) al woedde te midden van zijn werk. In dit opzicht kan men alleen maar concluderen dat juist deze complexe ontwikkeling, de wordingsgeschiedenis, het bestaan en het voortbestaan van Nietzsches nalatenschap bijzonder waardevol maakt. Dit heeft, niet in de laatste plaats, sinds de jaren 60 uit de vorige eeuw geleid tot aanzienlijke wetenschappelijke inspanningen om zijn werken uit zijn nalatenschap te redigeren tot een kritische, complete editie volgens moderne maatstaven. Ook dit is een Duits-Zwitserse onderneming. En het moet ook vermeld worden dat onderzoek naar Nietzsches nalatenschap zelfs onder de Duitse deling mogelijk bleef. Per slot van rekening stelt het nominatievoorstel duidelijk vast dat: “de we de ontvangst van Nietzsches werken in de geschiedenis moeten beschouwen als onderdeel van zijn gehele oeuvre.”

In de context van de manuscripten, aantekeningen, brieven en belangrijke aantekeningen in Nietzsches bibliotheek, die nu bewaard wordt in de Anna Amalia Bibliotheek, in de context van de archiefplaatsen in Weimar en Zwitserland, en tegen de achtergrond van de geschiedkundige impact van deze denker, moet het erfgoed worden begrepen als een unieke schat die nu terecht is opgenomen op de Werelderfgoedlijst. Want, zoals de nominatie concludeert, “is het niet slechts een aanvulling op de publicaties, maar vervult het een eigen centrale rol. Het is uniek en onvervangbaar; het verlies ervan zou het erfgoed van de mensheid ernstig verarmen.”

Aantekeningen voor het boek ‘Der Wille Zur Macht’ (Beeld: Klassik Stiftung Weimar)

Met verlies als sleutelwoord wil ik graag afsluiten door terug te keren naar het MOW-programma, de intenties en mogelijkheden ervan. Wat behelst het?

Een UNESCO MOW-registratie is niet gekoppeld aan financiering of subsidies. Helaas zijn er in plaats van geld alleen maar mooie woorden. De betekenis moet, in de geest van het Werelderfgoedprogramma, worden opgevat als een commitment aan twee leidende principes: Preservation and Access – behoud en toegankelijkheid. Het is echter ook een expliciet onderdeel van de doelstelling van het programma dat inspanningen voor behoud niet alleen betrekking moeten hebben op de bekende schatten, maar ook op de vaak bedreigde eenvoudige boekcollecties en archiefstukken die in de context ervan passen. Ook deze verdienen onze bescherming en behoud.

Tegelijkertijd mag het recht op toegang niet alleen gelden voor toonaangevende objecten. Toegang betekent ongecensureerde informatie uit archief- en bibliotheekmaterialen van welke aard dan ook. Dit recht op toegang betekent de bereidheid om kennis te delen. En dit onder de voorwaarden van de moderne kennismaatschappij en de digitale informatiemaatschappij. Met andere woorden, in een zeer brede zin waarbij toegang tot mediakennis en cultureel erfgoed als een fundamenteel en wereldwijd recht en maatschappelijk goed geldt. Volledig onafhankelijk van sociale achtergrond, geslacht of zelfs religieuze overtuiging. Helaas is dit tegenwoordig geen vanzelfsprekende eis meer. Helaas is er de afgelopen jaren niet alleen internationaal vooruitgang geboekt op dit gebied. De instituten die hier in Weimar en Zwitserland worden gehuldigd, hebben de eretitel van het MOW al ruimschoots waargemaakt met betrekking tot de twee belangrijkste pijlers van het programma. De complexe geschiedenis van Nietzsches nalatenschap is ook het verhaal van meer dan een eeuw toewijding aan behoud van cultureel erfgoed.

Niet minder toewijding is er voor de toegang. Vandaag de dag is Nietzsche al 15 jaar gemakkelijk toegankelijk via de Weimar-database nietzschesource – een dienst die jaarlijks door honderdduizenden mensen wordt gebruikt en die ik alleen maar kan aanbevelen. Of het nu gaat om gedrukte werken of manuscripten in digitale facsimile-uitgaven – alles is mogelijk. Friedrich Nietzsche zou hier, op zijn zachtst gezegd, zeker verbaasd over zijn geweest.

Zijn nalatenschap maakt nu deel uit van het Werelderfgoed en hij verkeert daar in goed gezelschap. Het staat naast de Verklaring van de Rechten van de Mens, Afrikaanse koloniale archieven, de stellingen van de vakbond Solidariteit, de Magna Carta, het Tapijt van Bayeux en, sinds 2023, de Neurenberger Behaimglobe uit 1489, de eerste aarden appel in de zin van een moderne globe (***). Nietzsches literaire nalatenschap vertegenwoordigt de rijkdom van een erfgoed dat we geroepen zijn te bewaren, ver boven elke nationale interpretatie en bovenal in alle gulheid om deze met anderen te delen.

Dank u wel.

(Tekst: Prof. Dr. Konrad Elmshäuser)

(*) Het origineel luidt: alle Voraussetzungen des Mechanismus, Stoff, Atom, Druck und Stoß, Schwere sind nicht „Thatsachen an sich“, sondern Interpretationen mit Hülfe psychischer Fiktionen. das Leben als die uns bekannteste Form des Seins ist spezifisch ein Wille zur Accumulation der Kraft : alle Prozesse des Lebens haben hier ihren Hebel : nichts will sich erhalten, alles soll summirt und accumulirt werden Das Leben, als ein Einzelfall: Hypothese von da aus auf den Gesammtcharakter des Daseins (Nachlass 14(82) uit 1888)

(**) in het Nederlandse taalgebied vaak aangeduid met post-truth

(***) Voor de Nederlandse inschrijvingen van het Memory of the World Register zie: 

https://www.unesco.nl/nl/nederlandse-items-op-unescos-memory-world-register

Dat er ongelooflijk veel werk achter de schermen verricht is wordt verder toegelicht op de website van de Klassik Stiftung Weimar. Vanaf daar zijn er weer interessante links te bezoeken die o.a. een indruk geven van de facsimile uitgaven en handschriften van Nietzsche:

https://www.klassik-stiftung.de/nietzsche-archiv/weltdokumentenerbe/#c31520

Uiteraard werd de memorabele dag afgesloten met een feestje bij de Villa Silberblick waar de muzikale omlijsting, een hapje met een drankje en nog wat afsluitende woorden niet ontbraken.

Prof. Dr. Helmut Heit bij het Nietzsche Archiv (Foto S.P.)

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


De verificatie periode van reCAPTCHA is verlopen. Laad de pagina opnieuw.